olifant_left (3K)
Dankbetuiging
olifant_right (4K)
 

Helaas is dit de laatste editie van het Tagore Festival, zoals de theaterkring/literatuurkring dit in totaal zes keren organiseerde. Ondanks de inspanningen van vooral mij als initiator, ik zal daar maar eens niet bescheiden in zijn, is het niet gelukt via dit festival de hoogwaardige Hindostaanse cultuur in Den Haag op de agenda te zetten. Mijn cultuur is geen cultuur van nagezongen liedjes en hap snap geïmiteerde Bollywood dansjes. Mijn cultuur is Tagore. Tagore die leefde in de tijd en de stad, waar mijn grootvader en mijn andere overgrootouders inscheepten om naar onder meer Suriname te gaan als contractarbeider.

De Gemeente Den Haag heeft structureel geweigerd iets te betekenen voor dit evenement, dat door zijn burgers ook voor zijn eer en glorie werd georganiseerd. In 2005 met als reden dat het een Hindostaans festival was dat een stuk ging brengen over een Hindostaan. Men las de naam Rabindranath Tagore, en dacht waarschijnlijk dat we een stuk gingen brengen over Rabin Baldewsingh, de huidige wethouder of zo. Kortom, dat het een migrantenactiviteitje was. Ik weet het niet. Zij wisten het ook niet, althans de indruk kreeg ik toen ik het zelfs tot een bezwarenprocedure liet komen. Ze laten je wel komen, maar daar is dan ook alles mee gezegd en gedaan.

Nu was de afwijzing weer op grond van het feit dat we ons niet onderscheiden van andere festivals. Kortom, linksom of rechtsom, er zal altijd afgewezen worden. En de andere fondsen zullen dat in het kielzog ook doen. Casema Cultuurfonds, Prins Bernhard Cultuurfonds en de cultuurpot van OC&W worden, mocht u denken dat u uw aanvraag stuurt naar onpartijdige ver uit elkaar liggende partijen, door dezelfde mensen behandeld. Enfin, wat ik binnen het kader van daadwerkelijke participatie en professionaliteit, heb getracht te brengen, in plaats van etnische open deuren, is ook weer in mijn nadeel komen te vallen. Er doen, dat concludeer ik vanwege hun wollige aantekening 'niet onderscheidend', waarschijnlijk weer te veel blanken aan het Tagore festival mee. Niet onderscheidend, zeggen ze, wie heeft dan al eerder Tagore in een breed en algemeen toegankelijk concept op de agenda gezet, vraag ik me af.

Tussen de twee afwijzingen door verloren ze tot twee maal toe de subsidie-aanvraag en weigerden een nazending te ontvangen. Het argument van een medewerker, toen ik er telefonisch naar informeerde: ‘Ja u kunt de datum vervalsen’. Wat we ook konden vervalsen, een subsidie-aanvraag waar je maanden mee bezig bent om die te formuleren en een passende begroting bij in te leveren, die vervals je niet binnen 24 uur. Enfin, kleine subsidiebedragen kwamen er wel van andere fondsen, zodat we nog steeds bedelend bij professionele medewerkers om het werk tegen hevig gereduceerd cultuurtarief te doen (en wij zelf pro deo), toch nog vijf edities konden maken. De zesde editie ging geheel uit mijn privé (krediet) middelen. Op een kleine tegemoetkoming van Culturalis na voor de uitvoering van Chitra in Wonderland.
Wanneer je passie die je actief inzet voor een algemeen belang, omdat je houdt van je culturen, ja cultuREN, want zowel de Hindostaanse als de inheems Haagse cultuur zijn in mij verenigd, zo wordt ondergraven door instanties die met lippendienst integratie beleiden, en je initiatief voor het meehelpen aan samenhang en participatie verwordt tot een particulier initiatief, vraag je je af of je geen masochisme aan het belijden bent. Ik moest dit volmondig beamen in eerlijke en pijnlijke momenten.

Pijnlijke momenten, zoals toen alle inhoudelijke voorbereidingen voor de website waren getroffen en tot tweemaal toe, ondanks de prijsafspraak, webmasters met de noorderzon vertrokken. En je de wanhoop nabij werd gedwongen tot het leren van html-codes, tussen het produceren van je stuk en organiseren van je festival door.
Mijn zegen: ik had een virtuele ontmoeting met een door god gezonden deskundige die aanbood (okee, ik heb het wel een beetje op dat aanbieden aangestuurd…) om de klus samen met me te klaren. Er is in anderhalve maand, zo lang duurde het om de chaos te herstellen en een gelikte site te maken, een diepe genegenheid ontstaan voor iemand die ik nog nooit heb ontmoet. Dat hoeft niet eens. De intenties en het werk dat met liefde wordt gedaan, met liefde voor de eigen liefhebberij, maar ook met liefde voor de inspanningen van een ander, maken een lijfelijke ontmoeting overbodig. Om half zes hielden Gerard en ik er elke dag even mee op; hij om zijn jenever te halen en ik om een Chablis open te trekken. Met geheven glas, proostend in de meest uiteenlopende talen en kreten, vervolgden wij de klus. Binnen een maand trok de site inmiddels 1.500 bezoekers. Waarom een van de twee webmasters ons overigens op het laatste moment nog wilde saboteren door het wachtwoord te wijzigen, is me een raadsel. ‘Haarlemmerdijkies’, schamperde Gerard en stelde de site met zijn deskundigheid voor eens en voor altijd veilig.

En route ontmoette ik nog meer ‘zegeningen’.
Marijnke de Jong, directeur van Panorama Mesdag, die niet alleen ‘haar museum’ voor niets openstelde voor onze unieke opening, maar tijdens de voorstelling ineengedoken in de hijskraan zat om die te bedienen voor ons special effect, met mij tafels sjouwde en wijnflessen ontkurkte en na afloop samen met mij de afwas deed. De bezoekers geloofden niet dat die bescheiden bezige bij dat museum bestierde.

Nog zo'n zegening. Michael Driebeek van der Ven, de regisseur van Chitra in Wonderland, die zei: ‘ik ben sluitpost. Als het geld er niet is, doe ik het voor niks’. Hij stelde zijn studiootje beschikbaar, voor niks. De vier acteurs hebben de afgelopen maanden een paar keer per week moeten fietsen of trammen naar een plek in the middle of nowhere om te kunnen repeteren. Usha Berfelo die Foetie het Konijn speelt zelfs, ondanks dat ze ziek werd. Cyntia en Anna die oppas voor hun kinderen moesten regelen, want het repeteren was soms op ‘onmogelijke tijden’. Passie heet dat.

Zegening uit diplomatieke hoek. Riva Ganguly Das, de ‘tweede vrouw’ van de Indiase ambassade die ik in mijn hart heb gesloten. Al wat ik aan materiaal nodig had probeerde ze uit de bibliotheek van de ambassade en zelfs helemaal uit Delhi voor me te regelen. Tijdens de opening op 6 mei glunderde de ambassadeur, mevrouw Neelam Sabharwal, dat ze in Nederland zo’n multicultureel evenement kon openen, dat haar geliefde India eerde. ‘Ik ben er nu alleen maar’, zei ze, ‘maar Riva is er altijd’. En dat heb ik ook zo ervaren. Riva was er altijd voor mij. Toen ze me vroeg om een boekje over Tagore te schrijven, waar ze de drukkosten van zou financieren via de ambassade, kon ik ook niet weigeren. Passie heet dat.

Passie ook uit politieke hoek, van wethouder Rabin Baldewsingh, die elk jaar trouw de evenementen heeft bezocht en me een hart onder de riem gestoken met: ‘geef niet op. Je doet goed werk’ en daarmee zijn steun betuigd. In 2005, toen door geklungel van onder meer een ambtenaar een toegezegd subsidiebedrag alsnog niet werd gegund, maar het geld al was uitgegeven, onder andere aan een debatleider, verving hij de afgezegde debatleider pro deo.

Gelukkig bleef dat steun betuigen ook dit jaar niet bij lippendienst. Inmiddels heb ik een subsidiebedrag toegekend gekregen om delen van het festival als educatief project naar basisscholen te brengen.
Passie van Raj Mohan en Tammo Heikens, artiesten van naam en faam die voor een schijntje kwamen optreden en de bezoekers een onvergetelijke middag bezorgden.

Passie van Prajna Bhattacharya, de Bengaalse zangeres die het een eer vond om te mogen zingen, wat ze deed als een nachtegaal. Passie van mijn ‘moeder-vriendin’, bestuurslid en actrice Tatiana Radier, die me liefderijk opving wanneer de ontgoocheling en vermoeidheid weer eens toesloegen. Liefde van mijn hartsvriendin, wiens naam ik niet wil noemen, want daarmee zou ik haar liefde tekort doen, die de hele dag in de keuken stond om snacks te maken. De bara’s gingen er in als koek! De laatste twee aten Marijnke en ik tijdens het afruimen op.

Nog geen 24 uur later maakte ik kennis met een vrouw die samen met mij, onder hoogspanning de expositie inrichtte in het Sarnámi Huis, Sonja Moelchand. Dankzij haar organisatietalent en gedrevenheid stond de expositie er; ze had ook kunnen afhaken, toen ik knorrig en nukkig werd omdat de dingen niet op tijd gingen, maar ze haakte niet af, hield gewoon even op met me te praten. En omhelsde me toen de openingsavond met een lezing door mij geslaagd was.

En last but not least, Yvonne Keuls, die ik niet onder ogen durfde komen, toen alle subsidie-aanvragen afgewezen waren, om haar te vertellen dat ik haar voordracht in de Schouwburg weer moest intrekken. Dus greep ik het laffe middel van telefoon. 'Geen subsidie voor dit werk. Meid dat snap ik niet', zei ze op z'n Yvonne Keuls, en besloot, op z'n Yvonne Keuls met: "Ach, subsidie of geen subsidie, we maken d'r iets moois van".

Al deze gepassioneerde mensen waren misschien niet op mijn pad gekomen als de gemeente Den Haag en andere fondsen subsidies verstrekt hadden. Ik dank de gemeente en de fondsen dan ook uit de grond van mijn hart voor hun veelal eenregelige afwijzingen, die je ook totaal geen aanknopingspunt geven voor een verbeterde aanvraag. Daarom is dit het laatste festival. Tagore zal door mijn bloed blijven stromen, en misschien op andere wijze een weg naar het publiek vinden, maar niet meer via een festival dat door de stad die het had moeten dragen niet is gesteund.

Count your blessings! Zeggen de Engelsen. Ik heb ze hier alvast in mijn grootboek opgenomen. Het tellen van de zegeningen, ach, onbegonnen werk, regendruppels tel je ook niet. Het regent gewoon. En, vooropgesteld dat het geen zure regen is, werkt het verfrissend.

Mala Kishoendajal

Initiator Tagore Festival in Nederland

liner_9x9 (1K)
Back